De woorden conditie en uithoudingsvermogen worden vaak in 1 adem genoemd. Ze hebben niet dezelfde betekenis, maar ze staan wel heel nauw met elkaar in verband. Door aan je uithoudingsvermogen te werken, train je de conditie en de kracht van bijvoorbeeld je longen, je hart en je skeletspieren. Je werkt aan je (sport)prestaties en je algehele gezondheid.

Ontvang blog updates

No spam guarantee.

I agree to have my personal information transfered to MailChimp ( more information )

Verschillende soorten uithoudingsvermogen

Sport je graag? Je kunt verschillende doelstellingen hebben bij het beoefenen van je sport. Als je sport, werk je bewust of onbewust aan je uithoudingsvermogen. Dat kan zijn op het gebied van:
1. Capaciteit
2. Intensiviteit

De beide soorten uithoudingsvermogen moet je op verschillende manieren trainen.

Capaciteitstraining

Met capaciteit bedoelen we hoe lang of hoe ver je een activiteit vol kunt houden. Met duurtraining spoor je je lichaam en geest aan om het lange termijn uithoudingsvermogen te vergroten. Dat doe je bijvoorbeeld door over een langere tijdsspanne, een minder snelle, of minder zware inspanning te leveren.

Intensiviteitstraining

Als je het uithoudingsvermogen gericht op intensiviteit wilt trainen, probeer je je spieren te versterken. Dat doe je door in korte tijd met zwaardere gewichten te trainen of meer herhalingen te doen.

Hand in hand

Tegenwoordig staan beide vormen van uithoudingsvermogen in elkaars verlengde. Iemand die zijn duurconditie wil verbeteren, omdat hij de marathon wil gaan lopen, gaat niet alleen steeds langere afstanden lopen, maar doet ook aan krachttraining om zijn spieren sterker te maken. Andersom geldt dat ook. Bodybuilders wisselen explosieve trainingen af met duurtrainingen om betere resultaten te halen.

De beste trainingsoefeningen

De soorten trainingsoefeningen die je kunt uitvoeren zijn bijvoorbeeld: duurtraining, herhalingstraining, intervaltraining, bloktraining en tempotraining.

Duurtraining

Bij duurtraining probeer je je lange uithoudingsvermogen uit te breiden. Dat doe je door op lage intensiteit, over een steeds langere periode een oefening vol te houden. Belangrijk bij duurtraining is, dat je je oefening tussentijds nooit pauzeert. Tussentijds vertragen is toegestaan, volledig stoppen vermindert het effect.

Intervaltraining

Een intervaltraining is opgebouwd uit verschillende sessies. Je werkt een sessie van 20-60 seconden op intensievere kracht, waarna je ongeveer een minuut rust neemt door de intensiteit te verminderen. Daarna verhoog je de intensiteit weer 20-60 seconden. Het is aan te raden om tussen oefeningen waarmee je dezelfde spiergroep traint, een minuut of 4 rust te houden. Voor interval-looptrainingen geldt dat je 20-60 seconden versnelt, waarna je een periode rustig jogt, of wandelt. Intervaltraining is effectief als je de sessies maximaal 8 keer herhaalt.

Bloktraining

Bloktraining komt sterk overeen met intervaltraining, alleen geef je gedurende kortere sessies je maximale kracht. In 15-45 seconden geeft je alles wat je hebt. Je sprint, of pompt je spieren op door zoveel mogelijk herhalingen te maken.

Tempotraining

Met tempotraining train je gedurende een langere periode intensiever. Je probeert bijvoorbeeld 15 minuten 12 km per uur te lopen, waarna je terugzakt naar je normale tempo van 10 km per uur. Of je traint een drietal sessies met 5 kilo meer gewicht, waarna je voor de laatste sessies het gewicht normaliseert.

Hulp nodig? Vraag advies aan een goede trainer!

Kijk hier voor ons ruime assortiment sportsupplementen

En wil je weten hoe uit welke spiergroepen je lichaam bestaat en hoe je ze allemaal traint? Kijk dan snel hier: blog.vitaminstore.nl/welke-verschillende-spiergroepen-bestaat-lichaam/